VVO Home

Strippen en recontoureren

Strippen en recontoureren

Wat houdt strippen en recontoureren in?
Een enkele keer zal de orthodontist voorstellen om wat van de tanden af te slijpen, om deze smaller te maken of om één of meer tanden met behulp van composiet (een tandkleurige kunststof) een andere vorm of breedte te geven. Zodoende kan soms een beter en fraaier eindresultaat te verkregen worden. Onder strippen verstaat men het smaller maken van tanden en kiezen (afb.1). Recontoureren houdt in dat de vorm van gebitselementen wordt veranderd (afb. 2).

Strippen en recontoureren

Afb. 1. Smaller maken van ondersnijtanden door strippen (zie pijlen). Na de beugelbehandeling komen de tanden over grotere oppervlakjes tegen elkaar te staan.

Strippen en recontoureren

Afb. 2. Recontoureren van een kleine, spitse tand (zie pijl) na een orthodontische behandeling. De tand wordt korter gemaakt door het puntje te beslijpen (zwart) en aan de zijkanten verbreed met tandkleurige vulling (gearceerd).

Kunnen deze behandelingen zomaar?
Zeker niet ‘zomaar’. Inmiddels is na veel onderzoek vast komen te staan, dat je maximaal 1 mm van het intacte glazuur weg kunt slijpen, zonder dat dit nadelige gevolgen heeft voor een tand. De orthodontist zal voor alle zekerheid meestal niet meer dan 0,5 mm strippen. Dit strippen kan op verschillende manieren gedaan worden: met de hand d.m.v. een metalen stripje bekleed met fijn diamantgruis of met de tandartsboor m.b.v. een dun metalen schijfje waarop diamantgruis is aangebracht.

Waarom worden deze behandelingen gedaan?
Strippen wordt soms gedaan om wat meer ruimte te maken om de tanden en kiezen goed in de rij te kunnen zetten. Bovendien kan er door te strippen voor worden gezorgd dat de tanden en kiezen na de behandeling over een wat groter oppervlak tegen elkaar aan komen te staan (afb. 1). Dit kan er in sommige gevallen toe bijdragen dat de tanden en kiezen na de behandeling minder gemakkelijk langs elkaar kunnen schuiven, waardoor het gebit uiteindelijk beter op z’n plaats blijft staan.

Door het normale gebruik van het gebit kunnen tanden en kiezen tegen elkaar slijten. Het is zelfs heel normaal dat er in de loop van je leven wat slijtage van de tanden en kiezen optreedt. Wanneer er één of meerdere tanden en kiezen scheef staan zal deze slijtage ook optreden en als de tanden en kiezen door de beugelbehandeling weer keurig op een rijtje staan, zijn ze nog steeds scheef afgesleten. Soms ziet dat er niet mooi uit, omdat de plaatsen waar de tanden zijn afgesleten na de beugelbehandeling in het zicht zijn gekomen. Maar bovendien functioneren deze gebitselementen minder goed, omdat ze niet goed op elkaar passen. Ook komt het voor dat tanden en kiezen om andere redenen (bijv. door aanleg of omdat er een stuk van een tand is afgebroken) een afwijkende vorm hebben en er daardoor niet mooi uitzien (afb. 2).

De orthodontist of de tandarts kan dan na afloop van de beugelbehandeling met een diamanten tandartsenboor wat glazuur weg slijpen van de betreffende tand of kies om deze weer een normale vorm te geven (recontoureren). Een enkele keer zal de tand of kies door wat weg te slijpen te kort worden. In dat geval is het beter om niets weg te slijpen. In plaats daarvan kan de tandarts de tand of kies opbouwen met kunststof in de kleur van de tand (composiet).


Terug naar bijzondere behandelingen


www.orthodontist.nl